In de stad Groningen overwinteren enkele duizenden Kokmeeuwen Larus ridibundus. Een aanzienlijk deel van deze vogels komt jaarlijks terug uit de broedgebieden om in Groningen te overwinteren (van Dijk 1990, Majoor et al. 2006). Veel van de vogels blijven een groot deel van de winter in de stad (van Dijk 1993, Majoor 1997). Wanneer in meer detail wordt gekeken blijkt dat veel meeuwen een eigen stek hebben waar ze regelmatig verblijven (van Dijk 1989). Groninger Kokmeeuwen zijn dus erg trouw aan hun plek in de stad, maar hoe groot is die plek, hoeveel tijd besteden ze daar en hoeveel vogels maken regelmatig gebruik van zo’n plek? Om te proberen een antwoord te krijgen op deze vragen is gekeken naar de meeuwen van het Noorderplantsoen.